Het kan altijd een tikkeltje erger

Het leek zo’n goed idee om even te gaan vissen. Eigenlijk lag het niet in de planning om te gaan vissen, maar aangezien zowel Isak als ik niet volgens een strakke planning leeft, stapten we in de boot om even een hengeltje uit te gooien. Aanvankelijk reed ik na werktijd naar zijn stuga ten noordoosten van Jokkmokk om hem te helpen met het leggen van platen op het dak van zijn sauna. De hele dag wisselden zonneschijn en sneeuwbuien zich af, maar in de loop van de avond leek de zonneschijn te overwinnen, koud bleef het wel. Nog geen half uur nadat we in de boot stapten, begon het gigantisch te waaien en te sneeuwen. Het waaide zo hard dat we gedwongen werden naar de oever te peddelden. Gezellig hoor, even vissen.

De laatste winterse dag?

En toen was het stil. Geen motorgezaag, geen krakende houtblokken die door de kloofmachine een maatje kleiner worden gemaakt, geen knisperend geluid van grind onder het gewicht van de kruiwagen. De week dat de middernachtzon tevoorschijn komt, begon met een winterse dag. Ik vond het eigenlijk niet erg. Onder het genot van een mok koffie en chocoladekoekjes installeerde ik mij met een dik boek op de keukenbank en dook ik onder in de wonderlijke wereld van composteren, kweken en zelfvoorzienend tuinieren.

80 centimeter sneeuw

Het is 3 mei en ik heb nog 80 centimeter sneeuw in mijn tuin. Afgelopen zondag viel er tot mijn ergernis 15 centimeter nieuwe sneeuw, terwijl ik zo hartstochtelijk verlang naar groen, narcissen, verse berkenblaadjes aan de bomen en cappuccino op een zonnig terras. Mijn terras ligt vol sneeuw en ijs, de tuinkas ligt verscholen achter de Mount Everest en door plustemperaturen overdag ligt een deel van het terrein onder een laagje smeltwater. Vandaag was ik het zat, spuugzat. Over vijf maanden kan alweer de eerste sneeuw vallen; nu wil ik zomer, weg met de sneeuw! Ik heb de tractor in Skabram opgehaald en een groot deel van m’n terrein schoon geschoven. Het gaf een heerlijk gevoel om met de tractor rond te crossen en de sneeuw aan de kant te drukken. Met een opgeruimd gevoel reed ik de dorpsweg op, terug naar Skabram.

Later die middag reed de boze buurman, met vooruitgestoken kin, in zijn grote pick up stapvoets voorbij. Zo’n meid op een tractor maakt er natuurlijk een zooitje van. Ja hoor, potverdorie, heeft ze sneeuw langs de weg in het bos gegooid, o heeft ze zeker ook nog een boom geraakt. Ja hoor, volgens mij heeft ze die berk daar geraakt, zeker weten, die berk is beschadigd. Maar pot-ver-dorie! Heeft ze daar met de tractorband in de berm gezeten, heeft ze gewoon de hele berm kapotgereden! Niet te geloven, de hele berm is kapot! Een stukje voorbij mijn huis is het keerpunt; met nog steeds een vooruitgestoken kin reed de boze buurman opnieuw langs en liet hij zijn bittere kritische blik over de weg en mijn terrein gaan. Tevreden zat ik op een zonnig, bijna sneeuwvrij, plekje en keek glimlachend de boze buurman na.


Gehuld in zware sneeuwwolken

Terwijl in Nederland de week begon met heerlijk lenteweer dwarrelden in Jokkmokk dikke sneeuwvlokken neer. Ik kreeg bijna een midwinter gevoel toen ik uitkeek op de kennels van Frosty trails. Olav is met zijn teams onderweg in de bergen en Kristien rijdt ieder week naar het bergstation in Nikkaluokta voor bevoorrading en de nodige ondersteuning. Van zondag op maandag woonde ik in hun knusse gastenverblijf bij de kennels om voor de achtergebleven honden te zorgen; wat oude mannen, loopse dames en het jonge grut. Tika vindt het geweldig leuk om met haar broers en zussen in de grote kennel rond de rennen. En samen met hond Jocke deelt ze ‘woonruimte’ als ik even niet op haar kan letten. Tika, met een poepende Jocke links van haar en rechts wonen Simba en Kiara. Yoga wordt onder de sledehonden steeds populairder. In de loop van de dag reed ik van Koskats terug naar huis en toen ik door Jokkmokk centrum reed werd ik verwelkomd door een stralende zon. Zo zie je maar weer; achter donkere wolken schijnt nog altijd de zon.

De lentewinter

Het is vårvinter; lentewinter. Een heerlijke tijd van de winter. De dagen lengen snel en iedere dag geeft de zon meer en meer warmte. Na een korte winterslaap hebben de berghutten hun deuren geopend en verwelkomt de huttenwaard dorstige bergreizigers met een kop warme sap. Sinds afgelopen weekend heb ik een zitje tegen de zuidkant van mijn huis ingericht; met mijn rug tegen de houten muur en gezicht in de zon voel ik mij de koning te rijk.

Lang leve de sneeuw!

Het sneeuwt! O wat heerlijk. De grauwe vieze dorpsweg is weer prachtig wit; geen spoortje meer te zien van grind, zand en viezigheid van sneeuwscooters en auto’s. De bomen staan te stralen in hun nieuwe witte mantels en het meer is veranderd in een maagdelijke sneeuwvlakte. Ik zal nooit meer mopperen als ik sneeuw moet schuiven, dat beloof ik. Ik hoop dat het nog lang zal blijven sneeuwen en iedere keer als ik met de sneeuwschuiver door de sneeuw ploeg, zal ik dat met een brede glimlach op mijn gezicht doen. Lang leve de sneeuw!
sneeuw-meer