De tweede helft

Nu ben ik veertig. Jaha, voelt dat anders? Nee. Maar ik denk de laatste weken wel steeds meer na over wat ik met de tweede helft van mijn leven wil doen. Volgens een aantal mensen de betere helft. Daar kan ik nu nog niets over zeggen. Ik vind de eerste helft zeer geslaagd. De eerste week van de eerste helft begon rustig; ik lag lekker in de wieg. De eerste week van de tweede helft begint heftig; met de langlaufwedstrijd Nordenskiöldsloppet. Supergaaf om daar mijn tweede helft mee te beginnen. Waarschijnlijk verdwijnt dat ‘supergaafgevoel’ na 10 uur skiën als sneeuw voor de zon en wil ik alleen nog maar in m’n wieg kruipen.


Het was lang geleden dat ik een ‘groot’ verjaardagsfeest gaf, maar zondag moest ik er aan geloven. Ik had een echte verjaardagstaart gemaakt en voordat ik het mes erin zou zetten, legde ik mijn creatie op de gevoelige plaat vast. Mijn moeder was uiteraard de eerste die belde om te feliciteren en even bij te kletsen. Aangezien ik maar op één plek in mijn huis ontvangst heb met mijn mobiel, stond ik met mijn neus tegen het raam gedrukt met mams te praten. Ergens in de verte hoorde ik een onbeduidend smakgeluid. Toen ik mij realiseerde wat ik hoorde was het te laat: Zwarte Tika stond met een witte neus alle slagroom van mijn taart te likken. Neeeeeee k..hond!! Zowel mam als Tika schrokken zich een feestelijk hoedje, en met de woorden ‘mam ik heb een acute crisis ik bel je zo terug’ legde ik mijn mobiel neer. De dorpsbewoners konden ieder moment op de stoep staan. Voorzichtig schraapte ik wat van de taart weg en na een twee minuten werk zag de taart er als nieuw uit. Wat niet weet……

De rest van de dag verliep zonder problemen en was ronduit ontzettend gezellig. Leuk bezoek dat hutje mutje rond de tafel in mijn superkleine woonkamer van de taart en elkaars gezelschap genoot, verrassende cadeaus en een Tika die met een schuin oog verheerlijkt naar die o zo lekkere slagroomtaart keek. Zo nu en dan gaf ik haar stiekem een ondeugend knipoogje.

Gehuld in zware sneeuwwolken

Terwijl in Nederland de week begon met heerlijk lenteweer dwarrelden in Jokkmokk dikke sneeuwvlokken neer. Ik kreeg bijna een midwinter gevoel toen ik uitkeek op de kennels van Frosty trails. Olav is met zijn teams onderweg in de bergen en Kristien rijdt ieder week naar het bergstation in Nikkaluokta voor bevoorrading en de nodige ondersteuning. Van zondag op maandag woonde ik in hun knusse gastenverblijf bij de kennels om voor de achtergebleven honden te zorgen; wat oude mannen, loopse dames en het jonge grut. Tika vindt het geweldig leuk om met haar broers en zussen in de grote kennel rond de rennen. En samen met hond Jocke deelt ze ‘woonruimte’ als ik even niet op haar kan letten. Tika, met een poepende Jocke links van haar en rechts wonen Simba en Kiara. Yoga wordt onder de sledehonden steeds populairder. In de loop van de dag reed ik van Koskats terug naar huis en toen ik door Jokkmokk centrum reed werd ik verwelkomd door een stralende zon. Zo zie je maar weer; achter donkere wolken schijnt nog altijd de zon.

De lentewinter

Het is vårvinter; lentewinter. Een heerlijke tijd van de winter. De dagen lengen snel en iedere dag geeft de zon meer en meer warmte. Na een korte winterslaap hebben de berghutten hun deuren geopend en verwelkomt de huttenwaard dorstige bergreizigers met een kop warme sap. Sinds afgelopen weekend heb ik een zitje tegen de zuidkant van mijn huis ingericht; met mijn rug tegen de houten muur en gezicht in de zon voel ik mij de koning te rijk.

Mijn semla en ik

Alhoewel ik mij meer Nederlands voel dan Zweeds, merk ik dat ik toch wat aan het verzweedsen ben. Gisteren was het fettisdagen, vette dinsdag in het Nederlands; de dinsdag voor het begin van de vastentijd. De Zweden hebben de traditie om op fettisdagen een semla te eten, een bolletje gevuld met amandelspijs met als topping en dot slagroom en over het geheel wordt een laagje poedersuiker gestrooid. Voor het eerst in de acht jaar dat ik nu in Lapland woon, heb ik een semla bij de bakker gekocht. Toen ik in de auto naar huis reed en de semla in een speciaal ontworpen semladoosje naast mij op de passagiersstoel lag, voelde ik mij een beetje Zweeds.
semla

Het schaatsvrouwtje

Het is eindelijk heerlijk winterweer. Afgelopen week is een dik pak sneeuw gevallen en nu schijnt de zon. ’s Nachts is het koud, tussen de -20 en -30, maar in de loop van de dag klimt de temperatuur tot rond de -10. Gisteren trainde ik op het spoor van Getberget in Jokkmokk en ik was niet alleen. Het mooie weer had meer mensen naar buiten gelokt. Ik skiede tussen de families en toeristen door, in en uit het spoor springend. Opvallend was het groot aantal oudere dames op de langlaufski die, in hun antieke ski outfit en met zelfgebreide mutsen op, zich kwiek over het spoor bewogen. Vrolijk riepen zij ’heja heja’ naar mij als ik hen voorbij skiede, en vrolijk riep ik ’heja’ terug. Halverwege de ronde dook het ’schaatsvrouwtje’ voor mij op; zij is erg klein, heeft flink overgewicht en kleedt zich in alle kleuren van de regenboog. En ze houdt van praten.
helena_wahlman-cross-countrCredits: Helena Wahlman/imagebank.sweden.se

Ik leerde haar kennen in november; tijdens een schaatsdag zat ik met twee vrienden koffie te drinken bij het vuur, toen uit het bos opeens een vrolijke kleurenverschijning opdook. ”Heeej, wat een heerlijk weer! Jullie jongelui hebben het goed, schaatsen, vuur en koffie drinken, daar kan een mens van genieten!” Enkele meters bij ons vandaan plofte ze neer en begon ze haar schaatsen onder te binden, terwijl ze vrolijk door babbelde. Het zag er niet naar uit dat ze haar schaatsen zelf onder gebonden kreeg, haar enorme buik zat in de weg.
schaatsen-isakAl pratend liep ik naar haar toe en ging, alsof het vanzelfsprekend was, voor haar zitten en hielp haar met haar bindingen. De jongens zetten haar overeind en met twee stokken in haar handen schuifelde ze het meer op. Wij keken haar enigszins bedachtzaam na, maar toen het geschuifel overging in redelijk stabiele schaatsbewegingen haalden we opgelucht adem. Ze schreeuwde van plezier: ”O wat gaaf, wat heerlijk!”

Ik minderde vaart om haar te begroeten en te vragen hoe het ging. Met verrukking in haar ogen keek ze mij aan: ”Wat een geweldige dag, heerlijk om even de benen te strekken!” Ik gaf haar gelijk en maakte aanstalten om verder te skiën, maar dat kon ik wel vergeten. Ze begon er heftig op los te babbelen, praten en skiën ging niet samen, dus uiteindelijk stonden we bijna stil. Mijn trainingshorloge had ik op pause gedrukt, het schaatsvrouwtje was inmiddels bij het onderwerp jachthonden uitgekomen toen haar blik op mijn horloge viel: ”Dat ziet er serieus uit, waar train je voor?” Ik vertelde dat ik midden april Nordenskiöldsloppet wilde skiën en dat ik…Ze liet mij niet uitpraten. ”Ruim 200 kilometer op één dag! Dan kan je niet hier je tijd staan te verpraten, je moet het wel serieus aanpakken hoor, met zo’n race. Hup, hup jongedame, in de benen en trainen!” Ze duwde me nog net niet weg. Toen ik haar na een ronde skiën opnieuw passeerde schreeuwde ze me na: ”Heja heja, door skiën en denk aan je techniek!” Ik kreeg bijna de slappe lach. Met zo’n coach haal ik de finish wel.

De kachel als lifesaver

Waar ik ontzettend blij mee was toen ik mijn huisje kocht, was de jotul kachel midden in de kamer. Een kachel is niet alleen maar een bron van warmte, hij is zoveel meer. Zo draagt hij bij aan de sfeer en stemming in huis en in winters Lapland is het erg praktisch om een kachel in huis te hebben. Als de stroom uitvalt, wat hier regelmatig gebeurt, verlicht de warme gloed van het vuur de kamer. Ik kan sneeuw smelten op de kachel, voor thee, koffie, water voor de afwas, het toilet, en ik kan mezelf wassen met warm water. Ik gebruik de kachel om een eitje te bakken, melk op te warmen en standaard kachel staat de fluitketel op de plaat zodat ik niet de waterkoker hoef te gebruiken om thee te maken. De kachel geeft ook troost en gezelligheid. Als ik een rotdag heb en ik rij in een koude auto door een sneeuwstorm naar huis, dan word ik blij en warm van binnen bij de gedachte dat ik zo weg kan kruipen bij de kachel. Met een knisperend vuur, een dampende kop koffie, chocola en een goed boek laat ik de wereld achter mij en verdwijn ik in de warmte van mijn kachel.